Nino Jacobs

Hoe VVV-talent Nino Jacobs een zeldzame tumor overleefde

“Eerst dachten ze dat er niks aan de hand was, maar het bleek een zeer kwaadaardige tumor te zijn die bij één op de miljoen baby’s voorkomt.”

|
nov. 21 2018, 8:09am

Nino Jacobs

Nino Jacobs is achttien jaar en een van de talenten in VVV Venlo onder 19. Maar het had weinig gescheeld of hij had nooit kunnen voetballen. Drie weken na zijn geboorte kreeg Nino enorme huilbuien als baby. Na maandenlange onzekerheid kwamen de doktoren tot de conclusie dat Nino’s pijn werd veroorzaakt door een tumor in zijn lever.

De tumor werd destijds net op tijd verwijderd, maar Nino had nog lange tijd te maken met de gevolgen. Hij mocht jaren niet koppen en heeft nog altijd een litteken over zijn buik lopen. VICE Sports sprak Nino in een loungebar in Panningen over zijn ziekte als baby, en wat dat nu nog voor hem betekent. Dit is zijn verhaal.


Nino Jacobs in De Koel.

“Ik draag altijd de sokjes van Jaimy van Boxel bij me in mijn voetbaltas. Jaimy was een jongetje dat tegelijkertijd met mij in het ziekenhuis lag, en destijds overleed op negenjarige leeftijd. Hij had deze sokken gekregen van Vitesse-spelers die op bezoek waren gekomen. Zijn ouders hebben deze later aan mij gegeven en ik zal ze altijd bij me blijven dragen. Ik moet echt blij zijn dat ik het nog na kan vertellen.

Lange tijd heb ik niet geweten hoe erg ik eraan toe ben geweest als baby, omdat mijn ouders me als kleine jongen zo min mogelijk wilden belasten met al deze informatie. Ik ben nogal een gevoelig persoon. Toch ben ik ontzettend blij dat ik nu veel meer weet, omdat ik eraan toe ben om anderen te vertellen wat er met me is gebeurd. Ik hoop dat lotgenoten kracht kunnen putten uit mijn verhaal. Er is altijd een weg omhoog.”

Nino Jacobs in De Koel.

“Als baby was ik me natuurlijk nergens van bewust. Maar omdat ik veel huilde en mijn buik opmerkelijk dik was, maakten mijn ouders zich zorgen om me. In eerste instantie werd gezegd dat ik niks mankeerde. Ik werd tot drie keer toe opgenomen in het ziekenhuis van Venlo, maar de doktoren konden niet achterhalen wat ik had. Ze dachten eerst aan iets simpels als een koemelkallergie. Dat was het dus niet. In het ziekenhuis weigerden ze zelfs een echo van mijn buik te laten maken. ‘Niet nodig’, zeiden ze. Mijn ouders zouden zich te druk maken.

Pas na tien maanden namen ze mijn ouders serieus. Toen mijn moeder mij op een dag afdroogde na het douchen, zag ze aan de rechterkant van mijn buik een onderhuidse bult die behoorlijk uitstak. Omdat onze huisarts er nog steeds niks in zag nam mijn moeder me meteen mee naar een andere dokter, die vertelde dat het foute boel was. In het Radboud Universitair Medisch Centrum van Nijmegen kwamen ze na een week van grondig onderzoek tot de diagnose dat het om een levertumor ging. Een zeldzame en zeer kwaadaardige tumor die bij één op de miljoen baby’s voorkomt.”

Nino Jacobs in De Koel.

“Bij volwassenen is een levertumor doorgaans funest, maar kinderen hebben een grotere kans op overleven, omdat hun cellen sneller vernieuwen. En ze kunnen nog een stukje van de lever afhalen als dat nodig is. Ik moest in eerste instantie beginnen met vier chemokuren voordat ik geopereerd kon worden, waarna er nog twee zouden volgen. Maar er ontstond een groot probleem: de zorgverzekeraar wilde de operatie niet vergoeden. Ze zeiden dat de overlevingskans niet groot was. De tumor bleef ondertussen groeien. Het ging slechter en slechter met me, de pus droop uit mijn lijf. Alles wat fout kon gaan, ging fout.

Mijn moeder heeft me een paar weken geleden verteld dat ze zelfs bang waren dat mijn been eraf moest, omdat ik geïnfecteerd was met een vleesetende bacterie. Daar schrok ik wel even van. Ze hebben toen heel veel soorten antibiotica aan mijn infuus gehangen, en eentje daarvan sloeg aan. Welke dat precies was wist niemand, maar ze waren allang blij dat die bacterie dood was. Na zes chemokuren nam de oncoloog van het ziekenhuis contact op met de zorgverzekeraar, waardoor ik geopereerd mocht worden.

Er moest een tumor van twintig bij twaalf centimeter worden weggesneden. Gelukkig hebben ze alles weg kunnen halen. Tot op de dag van vandaag ben ik gezond. Ik hoef tegenwoordig nog maar eens in de vijf jaar op controle te komen.”

Nino Jacobs in De Koel.

“Ik was vijf jaar toen ik begon met voetballen bij MVC’19, de club uit mijn dorp. Dat was nog een heel gedoe, omdat ik de jaren na mijn operatie niet mocht koppen. Ik had aan die ingreep namelijk een stollingsziekte overgehouden, idiopathische trombocytopenische purpura (ITP). Dat is een aandoening waarbij je een te lage hoeveelheid bloedplaatjes hebt. Een klap op mijn hoofd kon al een bloeding in mijn hersenen veroorzaken. Zo af en toe kreeg ik weleens een bal tegen mijn hoofd, en dan keek mijn vader meteen of alles goed met me was. Hij was leider van ons team geworden om mij in de gaten te houden.

Op zevenjarige leeftijd mocht ik voor het eerst meetrainen bij VVV. Ik kopte zo min mogelijk de bal. Toen ik een jaar of elf was ging het voor het eerst goed mis. De training was afgelopen en ik kreeg nog een lange bal naar me toe getrapt. Ik liep naar achter om ‘m aan te nemen, maar ik viel over een andere bal en klapte met mijn achterhoofd tegen de grond. Toen moest ik wel meteen naar de EHBO worden gebracht. Uit een MRI-scan bleek gelukkig dat er niets aan de hand was. Tegenwoordig is het koppen gelukkig geen probleem meer. Het enige wat ik nog over heb gehouden aan de kanker is een litteken op mijn buik. Dat is alles.”

Nino Jacobs in De Koel.

“Rond die periode ging ik pas beseffen hoe ernstig ziek ik ben geweest. Mijn ouders zijn me sindsdien geleidelijk meer gaan vertellen. Zoals ik al eerder vertelde ben ik wel een gevoelige jongen. Maar daarnaast ben ik ook een perfectionist. Ik ben niet snel tevreden, en dat maakt me vaak onzeker. Wat dan wel helpt is dat ik opnieuw besef dat ik leverkanker heb overwonnen. Wat stelt de rest dan voor? Waar maak ik me druk om?

Ik heb bij VVV alle lichtingen vrij gemakkelijk doorlopen, dus ik mag best trots op mezelf zijn. Ik ben een voorbeeld voor andere mensen die ziek zijn geweest of ziek zijn. Blijven vechten is mijn motto. Een aantal jaren geleden kwam in het nieuws dat Eric Abidal, destijds speler van Barcelona, een levertumor had overwonnen. Dat gaf me ook kracht. Abidal was net zoals ik linksback, dat geeft een connectie. Daar heb ik vaker met mijn ouders over gesproken.

Ik ben tweedejaars A-junior en moet volgend jaar over naar de senioren. Ik weet nog niet of ik bij VVV mag blijven. De afgelopen weken heb ik gerevalideerd van een heup- en een knieblessure. In ieder geval ben ik vastberaden om me terug in het elftal te knokken. Als ik iets wil bereiken, zonder ik me volledig af om mijn doelstelling te halen. Ik denk vaker dat mijn motivatie is aangeboren en dat ik als kind onbewust heb teruggevochten tegen de tumor. Mijn lichaam is gaan reageren toen het slechter en slechter met me ging. Daar geloof ik echt in.’’

Nino Jacobs in De Koel.