Alle foto's door Trevor Wagener 

Een ochtend meetrainen in de sportschool met ‘Superoma’ Ina

“Ze kan makkelijk zes minuten planken.”

|
dec. 3 2018, 4:48pm

Alle foto's door Trevor Wagener 

Het is iets voor acht uur ’s morgens als ik sportschool Crossfit Flames XL in Amsterdam binnenstap. Ina Koolhaas Revers (71) is dan al een halfuur bezig met haar warming-up. Afgelopen juni werd zij in het Canadese Calgary wereldkampioen powerliften in de leeftijdsklasse boven de zeventig jaar. Daar hield Ina de Amerikaanse Helen White achter zich en zette ze meteen twee wereldrecords neer, door bij het deadliften 133 kilo op te tillen. Om erachter te komen hoe ze zo fit blijft, en te kijken of ik haar ook maar een klein beetje bij kan benen, train ik vandaag een ochtendje met haar mee.

Voordat ik naar de kleedkamer ga, biedt mede-eigenaar Jur me een kop koffie aan. Die ga ik nodig hebben ook. “Je gaat wat meemaken jongen. Dat vrouwtje is echt topfit, hoor.” Ina houdt een houten stok in haar nek en voert haar squats geconcentreerd uit. Als ik haar de hand schud, verandert haar gefocuste blik in een pretgezicht. “Jij bent van VICE Sports! Ik vind het zo leuk dat je hier bent. Jinga en ik willen maar wat graag dat jongeren meer gaan sporten.” Jinga is de andere eigenaar van de sportschool, en komt net binnenlopen. Ze was vroeger een professioneel basketballer, en is sinds acht jaar Ina’s persoonlijke trainer.

InaJinga
Ina en Jinga.

Met dank aan Jinga werkt Ina zich vrijwel dagelijks in het zweet en onderging ze een sportieve metamorfose. Ze veranderde van iemand die geen enkele push-up kon doen naar een gedreven sporter. “Van Jinga moest ik hier al om half acht zijn,” zegt ze. “Soms maken we grapjes over haar striktheid. Dat Jinga beter in Guantanamo Bay kan gaan werken of zo.” Terwijl Jinga de workout van de dag op een whiteboard schrijft, warmen Ina en ik ons op door een paar kilometers af te leggen op het roeiapparaat. Dat is duidelijk niet Ina’s favoriete onderdeel. “Acht jaar geleden zei Jinga al dat mijn techniek 0,0 was. Nu kijkt ze me nog steeds net zo lang aan totdat ik eindelijk eens klaar ben.”

Terwijl we verder roeien vertelt Ina over haar oude baan als docent maatschappelijk werk op de Hogeschool van Amsterdam. “Sommige studenten zaten om tien uur ‘s ochtends aan de cola en vroeger zich een uur later af waarom ze moe waren. Wat verwachten ze dan? Als ikzelf cola koop, doe ik dat alleen om de wc schoon te maken.” Af en toe krijgt ze nog wel persoonlijke berichtjes van haar oud-studenten, die het “fantastisch vinden” hoe ze nog altijd met sporten bezig is. “Helemaal toen ik wat meer media-aandacht kreeg.” Ina’s roeitempo ligt duidelijk hoger dan het mijne. Rustig en gecontroleerd voert ze haar slagen uit, terwijl ik een stuk minder gepolijst op en neer beweeg.

Ina1
Ina warmt zich op door air squats te doen.

Ondertussen vertelt Ina dat ze niet altijd zo fanatiek is geweest. Dat ontstond pas zo’n tien jaar geleden, toen ze merkte dat ze haar hoofd wat minder makkelijk leeg kreeg. Ze begon met joggen, maar omdat ze daar na een tijdje pijnlijke knieën aan overhield, stopte ze ermee en besloot ze naar de sportschool te gaan. “Daar ontmoette ik Jinga, en zij regelde meteen een goede fysio voor me. Vanaf dat moment gingen we samen verder trainen. Eigenlijk ben ik dus vooral door Jinga aangestoken – door haar begon ik als topsporter te leven en daar heb ik geen moment spijt van gehad.”

Als het roeien erop zit, beginnen we aan de eerste trainingsoefening: touwklimmen, iets dat ikzelf voor het laatst op de middelbare school heb gedaan. Terwijl Ina staat te trappelen, kijkt Jinga twijfelend naar mijn kleding. “Pas op voor je blote benen. Als je niet de juiste techniek toepast, schuurt dat touw heel je vel open.” Dat valt gelukkig mee, en tot mijn eigen verbazing bereik ik in drie slagen de top. Maar de euforie is weg zodra Jinga zegt dat iemand van mijn lengte en leeftijd het ook in anderhalve slag zou moeten kunnen. “Ina kan dit ook gewoon in twee slagen.” Ik probeer het nog twee keer, maar veel beter gaat het niet.

InaJ
Ina klimt het touw in terwijl Jinga haar aanwijzingen geeft.
Trevina
Ina en ik hangend in de touwen.


We moeten door, want de ringen wachten op ons. Ina loopt even naar de kant en gaat op de bank zitten om van schoenen wisselen. “Op deze sta ik net wat steviger. Dat is prettig en ook handig voor hierna, want dan gaan we liften.” Jinga wil het tempo erin houden en vraagt Ina om als eerste in de ringen te hangen. Ze moet al zwaaiend haar voeten door de ringen zien te steken. “Daar traint ze haar buikspieren mee,” zegt Jinga. “Haar core is ijzersterk. Ze kan makkelijk zes minuten planken. Heb jij eigenlijk een beetje buikspieren?” Ik zeg haar eerlijk dat ik die eigenlijk maar zelden train. “Schattig,” zegt Jinga. Ze neemt geen genoegen met mijn voorzichtige antwoord en vraagt me om mee te doen, maar Ina houdt het veel beter vol. Hardop vloekend vraag ik me af hoe dit mogelijk is. Uit twee monden klinkt hetzelfde antwoord: “Omdat je het nooit doet.”

Ina10
Ina weet als geen ander hoe ze de ringoefening uit moet voeren.
Trev1
Ik niet.



Ina en ik gaan verder met squatten, maar eerst wil ze weten waarom ik eigenlijk zo weinig sport. Ik probeer me te verdedigen met woorden als “luiheid” en “weinig tijd”, maar nog voordat ik ben uitgesproken valt ze me in de rede. “Dat zeggen alle jongeren en is echt flauwekul. De enige tijd die bij trainen hoort, is prioriteit.” Ik weet niet wat ik moet zeggen. Gelukkig doorbreekt Ina de stilte. “Van Jinga moet ik me, iedere dag dat ik hier niet kom trainen, vijftig keer opdrukken. Tien stuks voor het douchen, tien keer na het tandenpoetsen en ga zo maar door. ‘Geen tijd’ zit echt tussen je oren.”

Ina11

Voordat Ina een halterriem om haar middel doet, geeft ze een masterclass squats: met gemak zakt ze soepel op en neer door haar knieën, ondanks dat ze tachtig kilo in haar nek en op haar schouders draagt. “Lekker bezig tijger,” zegt Jinga. “Haal de clips er maar af, want we doen er wat extra kilootjes bij.” Daarna is het mijn beurt. Ik wil me niet laten kennen en neem de houding aan van een echte gewichtheffer. “Hou je voeten naar buiten,” zegt Jinga. “Anders kom je niet laag genoeg.” Dankzij deze aanwijzingen gaat mijn set nog best aardig. Maar net op het moment dat het echt lekker gaat, schiet het in mijn bovenbeen. De dames hebben het door. “Leg die halter maar gauw weer terug. Dadelijk houd je er nog iets aan over,” waarschuwt Jinga.

Trevina

Het volgende onderdeel is de deadlift. Dat Ina het negentig kilo zware ijzer optilt alsof ze een brief op de post doet, verbaast me inmiddels allang niet meer. “Acht jaar geleden wist ik nog niet eens wat deadliften was,” puft ze ondertussen. “Maar tegenwoordig sla ik zelfs vakanties over om alles bij te houden. Als ik drie weken weg zou gaan, merk ik meteen dat mijn vooruitgang stagneert. Ik ga dus liever hooguit een paar daagjes weg.” Jinga vraagt Ina of ze zich op wil trekken aan de pull up-bar. Ina gaat ervoor en steekt haar hoofd iedere keer simpel boven de stang uit. Ondertussen voelen mijn armen zwaar aan en beginnen ze te trillen. Ze hebben duidelijk geen zin om nog een keer mijn lichaamsgewicht op te moeten trekken en mijn pogingen zijn dan ook ronduit zielig.

INADL

Trev7

Voordat Ina aan de laatste oefening mag beginnen, de ‘wall ball squat throw’, moet ze eerst weer een paar air squats doen. “Dit zie ik die oudjes van Nederland in Beweging niet doen!” zegt ze. “Je gaat deze oefening nog wel meedoen, toch?” Ik stem in, al is mijn lijf het er niet helemaal mee eens. Onvermoeibaar laat Ina zien hoe het moet. Met de bal in haar handen zakt ze soepel door haar knieën, en als ze weer omhoog komt, gooit ze de bal in een vloeiende beweging naar het mikpunt, een ijzeren plaatje. Daarna vangt ze de bal weer en herhaalt ze de oefening. “Die bal weegt maar zes kilo,” zegt Jinga. “Het is een vrouwenbal. Die gooi zelfs jij nog omhoog.” Dat lukt, maar daar is dan ook alles mee gezegd. Ik raak het ijzeren plaatje, maar de squats voer ik vervolgens verkeerd uit. “Het moet in één beweging,” zegt Ina. “Gooien, vangen, zakken, dan omhoog en nog een keer gooien.”

Ina66

Na deze set zit de training van Ina erop. Ik denk aan de spierpijn die ik minimaal een week zal hebben, en vraag me af of Ina weleens last heeft van pijntjes. “Zelden. Normaal train ik zwaarder en harder dan dat we vandaag hebben gedaan. Ik rust en slaap veel, daarom heb ik eigenlijk nooit spierpijn. Ik ga ook dagelijks naar het Freezlab in het Olympisch Stadion, een cabine waarin het -110 graden celsius is en je drie minuten in moet staan. Het herstelt je immuunsysteem na het sporten.” Bij het afscheid nemen biedt Ina aan om me ergens af te zetten. “Ik ben toch maar met de auto gekomen vanochtend, want ik had dus echt geen zin om te fietsen zeg. Ik ben ook maar een mens.”

Ina111