Van Manchester City tot Motherwell: de carrière van Hagenees Nadir Ciftci

“Toen mijn transfer naar Manchester City niet doorging, heb ik lopen huilen als een klein kind dat geen snoep krijgt.”

door Julian Droog; foto's door Julian Droog
|
jan. 18 2017, 8:08am

Nadir Ciftci heeft al een hoop meegemaakt voor een 25-jarige voetballer. De Hagenees zou op zijn vijftiende naar Manchester City gaan en tekende later een voorcontract bij Fenerbahçe, maar hij speelde nooit bij die topclubs. Wel werd de spits al op jonge leeftijd bij de hand genomen door spelers als Nwankwo Kanu, Kevin-Prince Boateng en Jermain Defoe. Later werd hij nog gecoacht door Guus Hiddink en Shota Arveladze.

Sinds 2015 staat Ciftci onder contract bij Celtic, maar een toekomstperspectief heeft hij daar niet. Inmiddels is hij vier keer verhuurd en speelt hij bij Motherwell. Na jaren in Turkije, Polen en Engeland hoopt de aanvaller in Schotland zijn oude vorm terug te krijgen. VICE Sports zocht hem op aan de overkant van de Noordzee, om zijn verhaal te horen. Dit is het verhaal van Nadir Ciftci.


“Ik heb er de laatste tijd serieus aan gedacht om te stoppen met voetballen. Ik heb dat in 2012 eerder gehad, na een vervelende periode in Turkije. Het geld dat ik dan zou verliezen, interesseert me helemaal niks. Dat raakt me niet. Ik ben echt veel liever dolgelukkig in een flat, dan ongelukkig in een villa. Hoe vaak zie je wel niet dat rijke mensen een gat in hun leven hebben?

‘Don’t judge a book by its cover’, zeggen ze hier. Ik rijd nu bijvoorbeeld in een mooie Mercedes, dus mensen denken gelijk dat ik heel veel geld heb. Maar die wagen kost me bijna niks, want via de vakbond in Schotland kun je een goede deal sluiten. Het is allemaal niet wat het lijkt.

Ik ben opgegroeid in Den Haag, vlakbij het Zuiderpark. Vanuit onze flat zag ik de lichten van het oude stadion. ADO is echt mijn club. Ik heb er vier jaar in de jeugd gespeeld. Als ik nu terugkijk, was die tijd de allermooiste tijd. Bij ADO hadden we één veld dat na een paar maanden modder was, maar we hadden altijd plezier en er werd zo veel gelachen.

Ik wist al heel jong: buiten het voetbal gaat het niets worden met mij. Ik zat vaak bij de Nederlandse jeugdteams. Dan kregen we een brief van de KNVB zodat we vrij hadden van school. Ik scande dan die brief van de KNVB in en veranderde de datum. Er was dan helemaal geen wedstrijd, maar dat wist de school niet, dus zo kon ik meer vrij aanvragen. Ik deed alles om niet naar school te gaan. Ik heb het VMBO wel afgerond, maar het was een voetbalcarrière of werken bij het uitzendbureau van mijn pa.

Op mijn vijftiende ben ik weggegaan bij ADO. Het was in die tijd dat Jeffrey Bruma en Patrick van Aanholt naar Chelsea gingen. We waren één van de eerste spelers die op jonge leeftijd naar Engeland gingen. Eerst had Bolton interesse, daarna kwam ook Manchester City. Dat was nog voor de tijd van die sjeik.

Ik kreeg met mijn vader een rondleiding op het complex van Manchester City. Dat was niet normaal. Ik mocht alles zien. De mooiste en duurste auto’s stonden voor de deur. Het complex was zo groot als een vliegveld, het leek wel een doolhof. En de velden waren zo mooi. Eén groot strak enorm weiland. Ik was ADO gewend. Dat was wel effe iets anders.

Voor de wedstrijd Manchester City – Tottenham heb ik gesproken met Sven Göran Eriksson, gewoon over koetjes en kalfjes. Ik kreeg een shirt met mijn naam erop. Hij was de hoofdcoach en wilde me op die leeftijd al heel graag hebben. Ook al wilde Arsenal me ook, City leek ons verstandiger. Eriksson wilde me hebben, dan sta je er meteen goed op.

Ik tekende een voorcontract in de winter, in de zomer zou ik gaan. Toen werd City overgenomen door een Thai, Thaksin Shinawatra. Door die overname werd mijn transfer afgezegd. Hoe het juridisch allemaal precies ging weet ik niet. Ik weet alleen dat het niet doorging. Het is met meer jongens gebeurd. Ik heb liggen huilen, zoals een klein kind kan doen als-ie geen snoep krijgt.

Ik kon in de zomer nog naar twee clubs: West Ham United en Portsmouth. Portsmouth speelde toen in de Premier League en zette echt door, dus ik koos daarvoor. Het was nog steeds een flinke stap vooruit en ik hield van de Engelse competitie. Voor het geld heb ik het niet gedaan. In die tijd werden er echt nog niet van die gekke bedragen betaald, ook niet aan mijn pa. Ik weet niet precies wat die jongens van zestien jaar nu krijgen, maar het is echt een stuk meer dan dat wij kregen.

Bij Portsmouth was Harry Redknapp trainer, op mijn vijftiende zette hij me al op de bank bij een League Cup-wedstrijd. In die tijd speelde er grote jongens: Peter Crouch, Lassana Diarra, Kevin-Prince Boateng, Glen Johnson, Jermain Defoe. Iedere week trainde ik twee dagen mee met het eerste team.

Ik werd door die spelers echt bij de hand genomen. Met Defoe ging ik na de training bijvoorbeeld nog afwerken. Hij is zo goed. Binnen ‘de zestien’ heeft hij aan een kwartkans genoeg voor een goal, maar buiten de ‘box’ deed hij eigenlijk niet mee. Nwankwo Kanu speelde er ook. Hij zat toen aan het einde van zijn carrière, maar was iedere dag met me bezig. De manier waarop ik een penalty neem, heb ik van hem. Niet met de wreef, maar binnenkant voet. En vooral niet te hard. Ik spreek hem nog steeds weleens.

Later kwam Kevin-Prince Boateng erbij. Hij heeft misschien een beetje last van zijn imago, maar hij heeft echt een goed hart. Hij is een man van de straat. Kevin was zo’n speler die weleens tegen de trainer zei: ‘Geef die jonge spelers eens een kans.’ Hij kon ook Turks, dus hij sprak regelmatig met me. Buiten het veld was hij toen al een fashionboy, hij liep er altijd goed gekleed bij. Ik zag ook dat hij dit seizoen met een shirt van Nouri speelt. Zo is hij, echt een lieve jongen.

Na een paar jaar kreeg Portsmouth puntenaftrek vanwege de financiële situatie en degradeerden we. Tijdens het seizoen in de Championship wilden ze mijn aflopende contract verlengen, maar de aanbieding was geen fatsoenlijk contract. Ze wilden me ook weer verhuren om meer ervaring op te doen, maar ik had al best wat wedstrijden gespeeld.

Ik ging halverwege het seizoen op zoek naar een andere club. Fenerbahçe had snel interesse. Ik heb gesproken met de technisch directeur, de clubpresident en een voorcontract getekend. Maar op de een of andere manier ging het in de zomer ineens niet door. Ik weet oprecht niet waar het aan lag, maar in ieder geval niet aan mij. Ik heb ook besloten het niet tot de bodem uit te zoeken. Het levert toch niets op.

Ciftci voor Celtic tegen Fenerbahçe. (Foto: Proshots)

Ik ben daarna naar Kayserispor gegaan, ik was toen achttien. Shota Arveladze was de trainer, maar ik had het idee dat hij in die periode niet alles voor het zeggen had. Er was veel druk van buitenaf en van de directie. Ze hadden net Gökhan Ünal teruggehaald, ook een spits en een legende daar. Als ik een keer de kans kreeg en het goed deed, zat ik daarna weer opeens op de bank.

Er gebeurde daar sowieso de raarste dingen. De salarissen werden niet betaald, de president loog alles bij elkaar. Verloren we een keer, gaf hij ons 50.000 euro boete, terwijl we geen eens salaris ontvingen. Hoe ga ik die betalen dan? Met Shota had ik wel een hele goede band. Hij lachte altijd, bij een nederlaag benadrukte hij toch de positieve dingen. Jongens die niet spelen, trainen vaak een dag na de wedstrijd. Vaak komt de manager daar niet eens naar kijken. Dat vind ik zo slecht, je wil toch indruk kunnen maken op de manager? Shota was anders. Hij was er altijd en deed vaak zelfs mee met ons.

Volgens mij is hij gestopt vanwege zijn beschadigde knie, maar zijn techniek was nog geweldig. Dat was fantastisch om te zien. Ik heb dat wel een beetje nodig. Zo’n trainer die zelf fucking goed is geweest. Daar kijk ik tegen op. Dat is beter dan dat je een trainer hebt, waarvan iedereen denkt: maar wat heb jij zelf dan bereikt? Wie ben jij? Van Shota nam ik dingen blind aan. Zo werkt het gewoon. Ik heb hem jaren later nog weleens een berichtje gestuurd, maar volgens mij was hij van telefoonnummer gewisseld.

Toen ik in Turkije speelde, vloog mijn vader ieder weekend naar me toe om de wedstrijd te kijken. Maar veel belangrijker is de manier waarop hij in het leven staat. M’n pa is echt mijn voorbeeld, hij is er altijd voor mij. Hij is opgegroeid in veel armoede, in Turkije, en komt uit een grote familie. Hij heeft altijd het gevoel gehad dat hij voor zijn zussen en broers moest zorgen. Daarom ging hij naar Frankrijk en Nederland om geld te verdienen. Het was een zware tijd met veel zorgen. We praten er nooit over, maar ik weet het. Ik kan absoluut niet in zijn schoenen staan. Hij heeft ons een goede jeugd bezorgd door keihard te werken.

Na een jaar bij Kayserispor had ik er genoeg van en wilde ik weg. Op een dag belde Pierre van Hooijdonk. Hij vroeg wat mijn plannen waren en zei dat ik naar NAC kon. In eerste instantie ging het niet, want Kayserispor eiste één miljoen euro. Mijn pa is drie keer op en neer gevlogen om allerlei papierwerk te regelen. Uiteindelijk heeft Kayserispor geaccepteerd dat ze geen geld voor me kregen en hebben ze mijn contract ontbonden.

Ciftci in 2012 in het shirt van NAC Breda. (Foto: Proshots)

Ik kende Pierre nog van het nationale team van Turkije. Hij was assistent van Guus Hiddink. Hiddink heeft mij gevraagd om voor Turkije te spelen. Hij was speciaal naar Portsmouth gevlogen om een wedstrijd te zien en mij te spreken. Ik weet het nog heel goed. Ik zat in de kleedkamer toen de trainer zei dat Hiddink op de tribune zat. Iedereen keek meteen naar mij. Ik kreeg echt kippenvel. Iedereen kent hem natuurlijk van Chelsea, hij is ook in Engeland een grote meneer.

Turkije wilde een sterker team, met spelers uit Nederland en Duitsland. Wat nu met Marokko gebeurt. Na de wedstrijd vroeg Hiddink of ik voor Turkije wilde kiezen. Natuurlijk wilde ik dat. Hij selecteerde me meteen voor een oefenwedstrijd tegen Nederland, in de Arena. Toen hij me belde om dat te vertellen, wist ik niet wat ik moest zeggen. Ik stotterde gewoon aan de telefoon. Ik was echt onder de indruk van hem.

We verzamelden in Amsterdam en op de trainingen kreeg ik iedere keer een hesje. Ik dacht dus dat ik zou gaan spelen. Een dag voor de wedstrijd kwam een assistent naar me toe, ik mocht niet spelen. Ik had nog geen Turks paspoort, alleen dat van Nederland. Dat mag niet van de FIFA. Daarna heb ik nog wel bij onder 19 en onder 21 van Turkije gezeten, maar nooit mijn debuut gemaakt.

Via Pierre kwam ik dus Bij NAC, maar dat werd geen succes. Het begin ging nog redelijk, maar na het ontslag van John Karelse kwam Nebosja Gudelj. Hij zag het vanaf het begin niet in me zitten, geen idee waarom. Na een ruzie op de training moest ik ook nog naar het tweede team. Na een seizoen hebben we het contract ontbonden, terwijl ik voor drie jaar had getekend.

Ik kon op proef bij Dundee United, waar ik meteen een klik had met trainer Jackie McNamara. Bij Dundee waren we echt een familie. Ik heb daar twee jaar gespeeld en daarna nooit meer hetzelfde gevoel gehad. Ik speelde alles, scoorde veel en kon na die twee seizoenen naar Celtic, Olympiakos, Middlesbrough, Wigan Athletic, QPR of Turkije. Celtic was een stapje hoger in hetzelfde land en leek me logisch. Ik hoefde niet weer uit mijn comfortzone.

Ik kwam alleen niet lekker binnen bij Celtic. In een van de laatste wedstrijden voor Dundee werd ik ervan verdacht een tegenstander te hebben gebeten. Ik had dat echt niet gedaan, maar werd wel voor zes wedstrijden geschorst. Ik miste daardoor de eerste competitiewedstrijden van Celtic. Toen de competitie begon speelde Leigh Griffiths op mijn plek. Hij deed het goed, het team begon te draaien en ik kwam er niet meer in.

Ik ben door Celtic verhuurd aan Eskisehirspor in Turkije, Pogoń Szczecin in Polen en Plymouth Argyle. Die laatste twee huurperiodes gingen minder. Hoe mijn toekomst er nu uitziet, weet ik niet. Ik wil nu vooral een goed half jaar hebben als huurspeler bij Motherwell. Het gevoel is in ieder geval perfect. Coach, Steve Robinson begrijpt mijn situatie en wil me heel graag helpen om mijn niveau van Dundee United weer te halen.

Assistent-coach Keith Lasley kent mij nog als tegenstander uit de Schotse competitie en keeperstrainer Craig Hinchliffe heeft in dezelfde tijd als ik bij Dundee gezeten. Alle puzzelstukjes vallen dus in elkaar. Ik voel me echt thuis bij Motherwell. Ik ben weer happy.”

Mis niets! Like VICE Sports Nederland voor je dagelijkse dosis ijzersterke sportverhalen.