Het nieuwe leven van Leonardo dos Santos Silva

"Mijn passie is voetbal, maar passie zorgt niet meer voor mijn inkomen."

|
mei 1 2018, 8:52am

Hij groeit op in Brazilië, in een arme wijk van São Gonçalo, een stad vlakbij Rio de Janeiro. Net als alle andere Braziliaanse jongetjes is zijn eerste cadeau een bal. Hij heeft één droom en dat is in het eerste elftal van Flamengo spelen. Wanneer hij 21 jaar is, komt die droom uit. Leonardo dos Santos Silva zal uiteindelijk vier wedstrijden voor zijn grote liefde spelen.

Als er niets meer in zit, vertrekt hij naar FC Groningen en maakt hij voor het eerst in zijn leven kennis met temperaturen onder de 15 graden. Na vier goede jaren bij FC Groningen maakt Leonardo een transfer naar Feyenoord, dat hem door de supporters en het stadion doet denken aan Flamengo. Bij Feyenoord wordt hij omgedoopt tot Leonardo II. Er speelt dan namelijk al een andere Leonardo bij Feyenoord. Leonardo II speelt anderhalf jaar in Rotterdam en wint de UEFA Cup.

Nu is hij 41 jaar en administratief medewerker voor het consulaat van Brazilië in Rotterdam. Hij is daar ook chauffeur voor de consul. Daarnaast traint Leonardo Jongens Onder-13 van de Rotterdamse Cricket & Voetbal Vereniging V.O.C.. VICE Sports zoekt Leonardo daar op om te praten over zijn huidige leven, rondrijden voor de Braziliaanse consul en die UEFA Cup-winst met Feyenoord.

VICE Sports: Ha Leonardo, wat voor werk doe je hier bij V.O.C.?
Leonardo: Ik ben hier trainer op vrijwilligersbasis en vind het heel mooi om met de jeugd te werken. Soms heb ik meer plezier dan de kinderen. Dat kan ook niet anders, want als je een beetje passie hebt voor voetbal en een profspeler bent geweest, dan heb je dat plezier. Anders ben je nep. Dan ben je nepvoetballer geweest.

Begrijpen de voetballertjes ook wat je bedoelt als je over inzicht en techniek praat?
Ze begrijpen dat wel. Als het niet goed gaat vraag ik weleens voor de grap of ze me wel kunnen verstaan. Dan zeggen ze altijd “ja” en gaat het daarna vaak goed.

Wil je ook je trainersdiploma halen?
De knowhow en praktijk heb ik, alleen de theorie nog niet. Ik denk ook nog meer als speler dan als trainer. Ik hoop mijn diploma hier of bij Feyenoord te halen, maar dat kan niet met mijn vrijwilligerscontract hier of het nulurencontract dat ik heb bij Feyenoord Soccer Schools. Ik heb dan een vast contract nodig. Ik werk nu namelijk veertig uur per week voor het Braziliaans Consulaat om rond te komen. Ik kan ik geen dag werk missen en ga binnenkort voor UPS werken.

Wat ga je voor UPS doen?
Daar ga ik pakketten bezorgen. Ik krijg een stropdas en mooie kleding aan en goede arbeidsvoorwaarden. Waarom zou ik dat niet doen? Als ik van voetbal niet mijn werk kan maken, dan moet ik wat anders doen. Ik kan niet stil blijven zitten. Ik heb een vrouw en twee kinderen en het is gewoon werk. Ik zeg ook tegen mijn pupillen dat ze door moeten gaan als iets niet lukt. Niet opgeven. Echt, mijn passie is voetbal, maar passie zorgt niet voor mijn inkomen.

Wat voor werk doe jij nu nog in het consulaat?
Ik doe allemaal administratieve dingen. Zo maak ik paspoorten en ben ik chauffeur van de consul.

Kan dat zomaar, paspoorten maken?
Niemand heeft nee gezegd, dus ik denk van wel. Ik wilde wat meer doen dan alleen de consul rondrijden, dan moet ik namelijk veel wachten. Ik vroeg of ik er wat bij mocht doen en kan nu paspoorten maken. Het is niet zo moeilijk, voornamelijk stappen volgen achter de computer en een beetje klikken op je muis. Ik wilde graag nuttig zijn, weet je. Wachten is niets voor mij. Soms word ik trouwens ook herkend bij het consulaat.

Ja?
Ja, dan vragen ze of ik bij Feyenoord of zelfs bij Groningen gespeeld hebt. Dat is wel leuk, maar eigenlijk hoeft het van mij niet meer.

Waarom niet? Het is toch leuk om herinnerd te worden aan je voetbalverleden?
Dat wel, maar het hoeft niet meer. Ik heb er uiteindelijk toch niet alles uitgehaald. Ik heb geen spijt van mijn keuzes, maar het doet me nog wel een beetje zeer. Iedereen denkt ook dat je een goed leven met veel geld hebt als je prof bent geweest, maar dat is niet zo. Eigenlijk is dat ook wel een beetje onze eigen schuld als voetballers. We denken dat het geld ons hele leven maar naar ons toe zal komen, maar dat is natuurlijk helemaal niet waar.

Brian Pinas zei eens tegen me: “Leo, het leven dat we toen leefden was niet het echte leven. Het leven dat we nú leven is het echte leven.” En hij heeft gelijk. Het echte leven is vroeg opstaan om naar je werk te gaan en dan eind van de middag, begin van de avond thuiskomen. Dan eten, slapen en weer terug naar je werk. Wij leefden een droom. Dat was heel iets anders.

Jij hebt met Feyenoord nog de UEFA Cup gewonnen. Hoe kijk je daarop terug?
Ik kan er nog steeds van genieten. Bijna elke dag kijk ik nog even naar de foto van mij met de beker. Dat pakt niemand meer van mij af. Ik hoor bij het laatste Nederlandse team dat een internationale prijs heeft gewonnen. Vorig jaar was Ajax er dichtbij, maar het is ze niet gelukt. Ik ben altijd voor Nederlandse clubs in Europa, maar toen niet. Toen was ik stiekem voor Manchester United. Zo kan ik nog wat langer genieten. Ajax heeft toch al genoeg gewonnen.

Jij was basisspeler in de uitwedstrijd van Feyenoord tegen Freiburg, waarin Pierre van Hooijdonk een onmogelijke vrije trap binnenschoot. Wat dacht je toen die erin ging?
We wisten allemaal dat hij het in ieder geval ging proberen en dat het misschien ook wel zou lukken. Kijk, Van Hooijdonk had geen geluk. Hij moest er echt hard voor werken. Na iedere training nam hij vrije trappen. Ik deed ook weleens mee, maar wat hij deed lukte mij niet. Na Freiburg speelde ik trouwens ook mee in de halve finale, thuis tegen Inter.

Dat is waar ook. Daar veroorzaakte je een penalty, toch?
Dat was het slechtste moment uit mijn sportieve carrière. Ik kwam als reservespeler het veld op en zorgde voor een penalty. Er kwam ook niemand naar me toe om te zeggen dat het nu eenmaal kon gebeuren, dat ik me niet druk moest maken. De trainer, Bert van Marwijk, zei tegen me dat hij het geen penalty vond, maar dat de scheids hem wel kon geven. Gelukkig haalden we alsnog de finale.

Die finale speelde je dan weer niet.
De trainer nam mij als negentiende speler mee, ik zat niet eens op de bank. Dat wist ik helemaal niet toen we erheen gingen. Hij had niks tegen mij gezegd. Ik heb hem toen gevraagd waarom ik niet op de bank mocht zitten, of dat door die penalty kwam, maar hij zei dat het was omdat ik geen echte verdediger ben. Dat vond ik wel gek, want tegen Freiburg speelde ik nog als rechtsback. Volgens de trainer was dat omdat zij geen linksbuiten hadden. Toen hij dat zei, wist ik dat ik de discussie nooit ging winnen.

Na Feyenoord speelde je telkens kort voor verschillende clubs, zoals De Graafschap, ADO, MVV en FC Dordrecht. Brachten die clubs niet wat je ervan verwachtte?
Dat kwam door mij. Ik had geen mensen om mij heen die me konden helpen in mijn keuzes. Ik wilde alleen maar spelen. Dus toen Peter Bosz, die toen trainer bij De Graafschap was, mij vroeg of ik bij hen kwam voetballen, heb ik dat gedaan. Maar dat had ik nooit moeten doen. Niets ten nadele van De Graafschap, maar het verschil was te groot voor mij.

Ik vond het demotiverend om van een grote club als Feyenoord naar zo’n kleine club gaan. Ik moest weer helemaal opnieuw beginnen, mijzelf helemaal opnieuw bewijzen en dat kon ik niet. Daarna ging ik naar ADO Den Haag. Dat was ook geen goede keuze, want daar liep Romeo Castelen al op mijn positie. ADO Den Haag is echt een leuke club, met gekke supporters, maar ik dacht echt: wat doe ik hier?

Leonardo in duel met Robin van Persie. (Foto: Proshots)

Je hebt tussen 2007 en 2009 ook nog voor een paar clubs in Colombia en Brazilië gespeeld. Hoe was dat?
Klopt, in Colombia speelde ik bij Deportes Quindio, die uitkomen op het hoogste niveau. In Brazilië speelde ik in de eerste divisie voor Nova Iguaçu en Veranópolis. De verwachtingen zijn daar heel hoog en contracten respecteren ze niet. Ik zal niemand die clubs aanraden. Ik had ook zo lang in Nederland gespeeld, dat ik weer moest wennen aan de Braziliaanse mentaliteit.

Je was de Braziliaanse mentaliteit kwijtgeraakt?
Als je naar Brazilië of bijvoorbeeld China gaat, moet je de taal van de mensen spreken. Je moet weten hoe ze op dingen reageren, hoe ze dingen aanpakken. Je moet de cultuur kennen. Doordat ik alleen als jeugdspeler in Brazilië had gevoetbald, stond ik daar met een Europese mentaliteit op het veld. In Nederland is alles veel professioneler. Hier zeggen ze ook vaak dat ik niet op een Braziliaan lijk, dat mijn gedrag anders is. Ik wilde slagen in Nederland en heb mij daarom aangepast. Na die jaren in de eerste divisie van Brazilië vroeg FC Emmen mij opeens om daar te komen voetballen.

Dus ben je weer teruggegaan naar Nederland.
Ja, ik zat zonder club en werk. Ik had wel wat gespaard, maar dat was niet genoeg. Toen FC Emmen belde, keek ik naar mijn vrouw en kinderen en besloot ik het te doen. Ik wil hen toch een zeker leven geven. Het eerste seizoen ging best goed, maar het tweede seizoen ging het minder. Als het niet goed gaat, dan hebben de oudere spelers het als eerste gedaan, omdat zij niet meer de spelers zijn die ze vroeger waren. Maar dat kan ook niet. Je kunt niet altijd op hetzelfde niveau voetballen. Maar ze willen je wel hebben, omdat je ooit voor Feyenoord hebt gespeeld. FC Emmen was mijn laatste club. Daarna ben ik als amateur bij BVCB in Bergschenhoek gaan voetballen.

Kon je nog wel genieten van het spelletje?
Bij BVCB heb ik echt heel veel plezier gehad. Ik heb daar nog twee jaar gevoetbald. Ik heb daar ook nog steeds goede vrienden.

Speel je nu nog weleens?
Niet in competitieverband. Het was leuk, maar ik denk dat ik dat niet meer moet doen. Ik kan het nog makkelijk. Niet dat ik met twee vingers in de neus voetbalde, maar het niveau bij BVCB was echt wel laag. Ik speel nu liever 7 tegen 7 bij BVCB of met Oud-Feyenoord. Met Oud-Feyenoord is het echt leuk. Die bal rolt zo snel. Wij niet meer, maar die bal wel. Ik heb nog wel mijn startsnelheid.

Leonardo voor FC Groningen tegen Willem II. (Foto: Proshots)

Ga je nog weleens op vakantie naar Brazilië?
Dat kan bijna niet. Dan moet ik eerst heel veel sparen om met ons viertjes ernaartoe te gaan. Mijn kinderen zitten ook op school, dus we moeten dan tijdens de schoolvakantie gaan. Dan zijn de tickets het duurst en kosten ze minimaal duizend euro per stuk, plus een huis om daar te verblijven. Mijn moeder en schoonmoeder wonen daar nog wel, maar je moet echt veel geld hebben voor zo’n vakantie.

En helemaal terug? Echt weer gaan wonen in Brazilië? Gaat dat nog eens gebeuren?
Nee, tot onze kinderen 24 zijn, blijven we zeker hier in Nederland. Ik wil dat ze hier hun opleiding krijgen en hopelijk ook een goede toekomst. Mijn vrouw en ik doen er alles aan en als dat zwaar voor mij is, dan is dat maar zo. Wij zijn hier op deze wereld om onze kinderen goed op te voeden en het beste voor te hebben met onze naasten. In mijn geval zijn dat mijn kinderen.

Dit is een interview uit de serie Het Nieuwe Leven, waarin gestopte profvoetballers vertellen over hun nieuwe carrières. Zie hier alle verhalen uit deze serie.

Mis niets! Like VICE Sports Nederland voor je dagelijkse dosis ijzersterke sportverhalen.