Ik onderging een behandeling bij de voetballer die acupuncturist werd in China

“Ik ben een halve Chinees geworden, zegt mijn vrouw weleens.”

door Julian Droog; foto's door Rebecca Camphens
|
sep. 3 2018, 11:08am

Ik zweet me kapot. Ik heb al een hekel aan bloedprikken, maar vandaag onderga ik voor het eerst een acupunctuurbehandeling. Als Ricky Bochem zegt dat ik op mijn rug moet gaan liggen op de behandeltafel, kruip ik uit stress op mijn buik. “Hij is nu al in paniek,” grapt hij tegen de fotograaf.

Gelukkig ben ik in goede handen. Bochem (35) is oud-profvoetballer van Vitesse en generatiegenoot van Nicky Hofs en Theo Janssen. Alleen besloot hij al snel in zijn carrière het roer om te gooien. Bochem studeerde vijf jaar Chinese geneeswijze in Peking, en is sinds een jaar in Nederland werkzaam als acupuncturist. Hij vertelt me dat zijn Chinese vrouw en kind over een paar maanden ook hier komen wonen. “Ik ben een halve Chinees geworden, zegt mijn vrouw weleens.”

Bochem ontvangt me bij Het Heelhuus, een gezondheidscentrum in Warnsveld. Voordat hij een naald in mijn lichaam zet, zeg ik dat ik ergens had gelezen dat acupunctuur pijnloos is. “Nou, dat is het niet,” zegt Bochem lachend. Gelukkig heeft hij de eerste naald al in mijn linkerbeen gezet, voordat ik het echt goed door heb. In eerste instantie voel ik weinig. Maar als hij de naald een beetje heen en weer beweegt, gaat er een lichte tinteling door mijn been.

Bij de tweede naald, boven mijn enkel, lijkt het alsof er een elektrische golf naar beneden schiet. “Iedereen ervaart acupunctuur anders,” vertelt Bochem. “Het verschilt ook per plek. Sommigen voelen pijn, anderen een schokje. Soms lijkt het ook verlammend te werken.” In totaal zet hij acht naalden in mijn lijf. De meeste zorgen voor tintelingen. Bochem zet ook naalden in mijn armen. Eerst drukt hij ter hoogte van mijn elleboog wat aan de binnenkant van mijn arm. Waar ik de meeste pijn voel, zet hij de naald. Kort nadat die erin zit, voelt het alsof er een blok beton op mijn armen staat.

Terwijl ik met de naalden in mijn lijf op de behandeltafel lig, praten we verder. Dertien jaar geleden kwam Bochem als voetballer van Vitesse voor het eerst in aanraking met acupunctuur. “Ik had wat last van mijn knie en nek. De fysio’s bij Vitesse stuurden me door naar André Visch, hier bij Het Heelhuus. Hij is van origine fysiotherapeut, maar combineerde allerlei behandelingen. Dan kraakte hij bijvoorbeeld mijn rug, maar zette hij ook een paar naaldjes. Meer spelers kwamen bij hem. Later las ik in interviews dat bijvoorbeeld John van den Brom en Victor Sikora ook regelmatig naar hem toe gingen.”

De werkwijze en behandelingen van Visch wekten bij Bochem veel interesse. “Hij is een soort healer. Hij helpt ook bij mentale begeleiding en maakt daarbij gebruik van verschillende elementen uit de Chinese geneeswijze. De eerste paar keer onderging ik de behandeling gewoon, later kreeg ik steeds meer vragen en raakte ik geïnteresseerd.”

Bochem speelde twee seizoenen bij Vitesse. Daarna kwam hij nog drie jaar uit voor Helmond Sport, en tijdens die periode deed hij in Nederland al een opleiding tot acupuncturist. Op zijn 24ste verliet Bochem definitief het profvoetbal. Hij kon kiezen voor een transfer naar VVV-Venlo, maar besloot te gaan studeren in China. “Vrienden dachten dat ik gek geworden was. Waarom zou je anders op je 24ste stoppen? Maar acupunctuur is een ervaringsvak. Ieder jaar word je beter. Als ik door was gegaan met voetballen, had dat gevoeld alsof ik die jaren zou weggooien. En dit zou ik de rest van mijn leven blijven doen.”

Bochem in zijn jaren bij Vitesse. (Foto: Proshots)

Tijdens zijn opleiding in Nederland had Bochem een Chinese docent, die hem vroeg of het niet iets voor hem was om in China te studeren. En dat leek hem wel wat. Het idee was om daar een inkomen te hebben door te voetballen, en zo zijn studie te betalen. Alleen zou het voetbal wel op het tweede plan komen.

Dat was niet het geval, merkte Bochem al snel. “Ik ben bij twee clubs geweest. Eerst bij een topclub, maar die waren helemaal niet op zoek naar een middenvelder. Die coach wist ook niet wat wij daar kwamen doen. Ik mocht wel meetrainen, maar na vier dagen vroeg ik mezelf af waar ik mee bezig was. Bij de tweede club trainden we drie keer per dag en moest ik alleen maar hardlopen. Daar had ik helemaal geen zin in. Het niveau was ook niet denderend.”

Bochem besloot daarom om terug te gaan naar Nederland. Tweeënhalf jaar speelde hij nog bij de amateurs van De Treffers en ondertussen verdiepte hij zich verder in de Chinese geneeswijze. Op zijn 27ste lukte het Bochem om bij Duo studiefinanciering te krijgen voor een van de beste universiteiten van China, in Peking.

Na vijf jaar studeren werd hij basisarts. Maar omdat zijn opleiding in Nederland niet wordt erkend, mag hij hier niet in een ziekenhuis werken. “Ik had de middelbare school niet eens afgemaakt. In 5 havo kreeg ik mijn eerste profcontract, en toen ben ik gestopt met school. Voor Chinezen zijn er hele strenge toelatingseisen voor de universiteit, maar als je uit het buitenland komt en genoeg geld hebt, is het zo geregeld.”

In totaal woonde hij zeven jaar in Peking. Hij leerde er ook zijn vrouw kennen. “Voordat ik naar China ging, kende ik alleen Peking en Shanghai. Ik heb 3,5 jaar heimwee gehad. Na een half jaar kon ik het eten niet meer ruiken, en de mensen niet meer zien. Ik was er klaar mee. Mijn studie was het enige dat me in China hield. Ondertussen had ik wel een vriendin gekregen, die me toen heel erg heeft gesteund. Daardoor kwam ik er makkelijker doorheen.”

Tijdens zijn opleiding belandde Bochem toch weer in het voetbal. Tot anderhalf jaar na zijn studie reisde hij door heel China om gymleraren om te scholen tot voetbaltrainers. “De president had het idee dat China het WK een keer moet winnen. Nederlanders met voetbalkennis waren in trek, dus dat verdiende heel goed. Ik ga in mijn leven nooit meer zo veel geld verdienen.”

Bochem liet de acupunctuur even helemaal links liggen, maar nadat hij een klaplong kreeg zette dat het hem aan het nadenken. Hij belandde in het ziekenhuis en werd twee keer geopereerd, waardoor hij drie maanden niet mocht reizen en niet kon werken. “Toen besefte ik dat ik toch weer in de voetbalwereld was beland, wat juist niet de reden was waarvoor ik naar China was gegaan,” zegt hij. Zodra het kon, pakte hij zijn werk in de geneeskunde weer op en ging hij stage lopen.

Ik vraag Bochem naar het leven in China. Hij vertelt dat hij een “hele andere planeet” heeft leren kennen, omdat China in niets te vergelijken is met Nederland. “Ik ging me op een gegeven moment zelf ook als een Chinees gedragen. Toen ik ziek was, moest ik een keer kotsen toen ik op straat liep. Toen heb ik daar alles eruit gegooid. Niemand keek me aan zo van: gast, wat doe jij nou? Dat is gewoon normaal. Ik vond het ook wel chill. Toen ik in de voetballerij werkte, leerde ik de hoogste bazen kennen. Zelfs bij hen kon je doen en laten wat je wilde. In Nederland was ik zenuwachtig als ik als speler van Vitesse met sponsoren moest eten. Houd ik m’n bestek wel goed vast? Knoei ik niet? In China maakt dat allemaal niets uit.”

Terwijl Bochem vertelt, voel ik af en toe tintelingen in mijn benen. Op de plekken in mijn linkerbeen waar de naalden zitten, voel ik om en om elektriciteitstikjes. Alsof er iets heen en weer beweegt. Het is eigenlijk wel een lekker gevoel. Als ik Bochem vraag wat er nu precies bij mij gebeurt, pakt hij er een pop bij. Daarop staan allemaal puntjes en lijnen. Meridianen, vertelt hij. “Alleen weten we eigenlijk niet precies wat dat zijn. Dit is een afbeeldingen ervan, maar er zijn er veel meer. Heel kort gezegd komt de Chinese geneeswijze erop neer dat er meer is dan ons brein. In het Westen gaan we ervan uit dat we een product zijn van ons brein, maar Chinezen geloven dat niet. Zij denken dat je in je eigen lichaam huist.”

In de Chinese geneeswijze wordt gedacht dat lichamelijke en psychische klachten ontstaan uit verstoringen in de energiebalans, zegt hij. De naalden in de acupunctuur zijn bedoeld om blokkades op te heffen en die balans te herstellen. Acupunctuur werkt volgens Bochem goed bij allerlei klachten. Vandaag heeft hij bijvoorbeeld nog een patiënt met lichte psychische problemen en iemand die een herseninfarct heeft gehad.

Bochem vertelt dat het ook goed helpt tegen de longziekte astma. Wat voor mij extra interessante informatie is, omdat ikzelf al mijn hele leven astmapatiënt ben en dagelijks medicijnen gebruik. “Ik had eens een patiënt die kortademig werd als hij vijftig kilometer fietste, maar na zeven sessies was dat niet meer zo,” zegt Bochem. “In een maand tijd was hij gewoon van zijn astma af. Dat verraste mij ook. Normaal gesproken duurt zoiets wel drie tot twaalf maanden.”

De oud-voetballer doet zijn verhaal vol overtuiging. Ik ben geneigd hem te geloven, maar voel tegelijkertijd ook twijfels. Het klinkt me soms toch allemaal iets te zweverig. Ik vraag daarom aan Bochem of hij vaak tegen dat soort vooroordelen aanloopt. “Ja, maar ik heb geleerd dat los te laten. Ik ben helemaal niet van de complottheorieën, maar voor mijn eigen praktijk in Nijmegen ging ik op Google kijken wat je vindt als je zoekt op ‘acupunctuur Nijmegen’. Ik zag mijn eigen advertentie, maar ook een betaalde advertentie van Stichting Skepsis. Die proberen acupunctuur zwart te maken, en ik snap nog steeds niet waarom.”

Inmiddels heeft Bochem geleerd zijn eigen plan te trekken. “Eerst ging ik ook heel erg in discussie met mensen. Dan schaamde ik me zelfs een beetje dat ik acupuncturist ben. Maar ik heb van André geleerd om met mijn eigen vak bezig te zijn en te zien hoe dankbaar de mensen zijn die je wél kan helpen.”

Als hij de naalden weer uit mijn lijf haalt, voel ik opnieuw een lichte tinteling. Mijn armen worden bevrijd van het blok beton dat erop lag. Op sommige punten bloedt het een heel klein beetje, maar dat stelt weinig voor. Voordat ik van de behandeltafel af stap, moet ik van Bochem nog even blijven zitten. “Maximaal tien seconden, hoor,” zegt hij. “Soms vallen mensen flauw als ze ineens opstaan. Net zoals mensen weleens op hun zij vallen als ik de naalden zet terwijl ze op de tafel zitten.”

De behandeling is voorbij. Bochem moet de volgende patiënt vol naalden zetten. Als ik naar huis rijd, voel ik af en toe wat tintelingen in mijn linkerbeen. Precies op de plekken waar de naalden hebben gezeten. ’s Avonds tijdens mijn voetbaltraining voelen de plekken wat stijf aan. Maar de volgende dag is alles weer verdwenen. Alsof er nooit een naald in mijn lijf heeft gezeten.