Dit is het verhaal van opkomend MMA-vechter Costello van Steenis

"Pas in de kooi, als die deur achter me dicht gaat, valt alles in een keer weg."

door Sam van Raalte; foto's door Sam van Raalte
|
mei 24 2018, 9:59am

Op tafel staan twee bordjes met appeltaart. De vriendin van Costello van Steenis (25) heeft de bordjes daar neergezet. Een taartpunt is voor mij, de ander is bedoeld voor de gespierde MMA-vechter tegenover me. Maar Costello zit in zijn voorbereiding op een gevecht en moet op gewicht komen, dus hij mag helemaal geen taart. “Nee, nee, nee,” zegt hij lachend tegen zijn vriendin, en ze ruimt zijn taartpunt weer af.

Ik ben op bezoek bij Costello thuis, in Vlaardingen. Ik voel me schuldig dat ik mijn stuk appeltaart opeet voor Costello’s neus. Hij moet erom lachen: “Nee man, neem er straks nog eentje, geen probleem. Het moet op, anders blijft het hier liggen.” Ik eet dus maar rustig door, terwijl ik Costello vraag hoe hij carrière maakt als opkomende MMA-vechter.

Dit is het verhaal van Costello van Steenis.


“In Spanje sprong ik vroeger vaak vanaf de rotsen de zee in. Daar krijg je flinke adrenalineboosts van, weet je? Zo voelt het ook elke keer vlak voordat ik een MMA-wedstrijd heb, maar dan tien keer erger. Bij die rots kan je bovenaan nog zeggen: fuck die shit, ik loop weer naar beneden. In MMA kan dat niet. Dan moet ik gaan, want ik heb ervoor getekend.

Een uur voor elk gevecht denk ik: what the fuck doe ik hier? Dit is mijn shit niet, ik wil gewoon weg, klaar, stoppen. Onzekerheden sluipen dan mijn hoofd in. Wat nou als ik KO word geslagen in de eerste minuut? Dan sta ik voor schut en heb ik al mijn harde werk voor niks gedaan. Als ik naar de kooi loop, trek ik een pokerface. Pas in de kooi, als die deur achter me dicht gaat, valt alles in een keer weg. Dan is er geen weg meer terug en denk ik maar één ding: let’s bang.

Ik ben met MMA begonnen in Spanje, waar ik ben opgegroeid als kind van een Nederlandse vader en een Filipijnse moeder. We woonden in de kustplaats Altea, vlakbij Benidorm, omdat mijn vader daar werkt. Benidorm is een leuk uitgaansplekje, waar je heel veel rare dingen kunt zien. Soms zag ik er mensen die aan palmbomen vastgeplakt waren op de boulevard, of dronken mensen die om acht uur ‘s ochtends op één been rondliepen. Als je wat geks wil meemaken, moet je naar Benidorm gaan.

Als puber hing ik er een beetje op straat. Ik ging naar het strand, voetbalde op het plein of sprong van de rotsen de zee in. In school was ik niet zo goed. Maar mijn juffrouw zei wel een keer: ‘Costello, jij bent misschien de enige die het niet redt in de klas. Maar als we jou boven op een berg zetten en niemand weet waar je bent, zou je de enige uit de klas zijn die de weg naar huis terugvindt. De rest zou verdwalen of niet meer terugkomen.’ Intelligentie in het leven is gelukkig wat anders dan intelligentie op school, zo leerde ik.

Costello met zijn vader en broertje.

Ik stopte op mijn zeventiende met school, omdat ik daar niet meer gefocust was. Het werkte niet. Ik wist op dat moment echt niet wat ik moest doen met mijn leven. Ik deed heel weinig, liep een beetje rond in mijn zwembroek en slippertjes en ging naar de gym. Een portier die mijn vader kende, gaf vechtsportles in de stad. ‘Wil jij de sterkste van Benidorm en Altea worden?’, vroeg hij een keer aan me. Tuurlijk wilde ik dat. Ik wist nog niet eens wat MMA was, maar ging gewoon meetrainen. Vier maanden later vocht ik al mijn eerste toernooitje.

Ik wist niet eens hoe ik goed moest schoppen, maaide als een gek en had dikke bulten op mijn wreef. Maar ik had gelukkig wel doorzettingsvermogen, dus ik won dat toernooi gewoon. Mijn MMA-trainer in Spanje zei dat ik met mijn talent naar een ander land moest gaan als ik verder wilde groeien. Daarom ben ik naar Nederland verhuisd, waar ik kon wonen bij mijn peetvader. Zo ben ik begonnen met mijn MMA-carrière.

In Costello’s slaapkamer hangen medailles van gewonnen MMA-partijen.

Ik was net voor MMA naar Nederland verhuisd, toen ik naar de kapper ging. Zoals dat gaat bij de kapper, maak je altijd een praatje. De kapper zei: ‘Je moet eens bij de Polderpoort gaan kijken, daar doet een maat van mij MMA Vlaardingen.’ Ik vond het daar meteen top. De training onder leiding van Ricardo Wondel is er keihard. Ricardo trainde toevallig ook met Gegard Mousasi. Hij nodigde me uit om eens bij Mousasi te komen trainen in Leiden. In Nederland was Mousasi altijd mijn voorbeeld. Ik zat altijd filmpjes van hem te kijken en kon opeens op te scheppen dat ik een keer met hem had getraind.

Nu zit ik elke dag met Mousasi te trainen. Dat is toch kicken? Iedereen die bij Mousasi traint in Leiden is fucking sterk. Ik voelde me daar als beginnende MMA-vechter meteen met grote stappen omhoog gaan. Het is daar gewoon overleven. Het trainingskamp dat we met Bert Kops hebben gedaan voor Bellator 200 is ook top. Ik ben drie maanden geleden tegelijk met Mousasi begonnen. Hij moet vijf keer vijf minuten vechten, voor de titel. Dat hoef ik niet, maar dat ritme neem ik dus ook aan. Dat is voor mij ook beter. Ik hou er wel van.

Costello in zijn woonkamer met zijn broertje.

Mijn familie is belangrijk voor me. Ik woon samen met mijn broertje en mijn ouders komen ook vaak langs. Ik heb hier thuis ook een borstbeeld van mijn oma staan, met een beetje van haar as erin. Zij betekende heel veel voor ons. Ik heb ook een tatoeage op mijn borst laten zetten voor haar, daar zit ook een beetje van haar as in. Volgens mij heeft mijn vader trouwens de helft van oma’s as opgegeten. Hij zat een keer een boterham te maken, terwijl hij op die tafel ook bezig was geweest met oma’s as. Toen hij zijn boterham at, kraakte het even in zijn mond. ‘Volgens mij zit ik per ongeluk oma op te eten,’ grapte hij toen.

Mensen vragen vaak naar het litteken in mijn gezicht. Ze denken altijd dat het door MMA komt, maar dat is niet zo. Ik heb het opgelopen bij mijn oma thuis, toen ik een jaar of twee was. Zij had een bullmastiff. Ik ging een dutje doen en rende naar mijn oma, die buiten in de zon zat, om haar even een kusje te geven voordat ik ging slapen. Ik rende langs die hond en die sprong op, rende achter me aan. Ik deed mijn handen voor mijn gezicht, zodat hij niet volop in mijn gezicht beet, maar hij beet me vol in mijn wang.

In de stertatoeage zit as van Costello’s oma.

Als je wint in MMA, is dat is het beste gevoel ooit. Je voelt dat je je missie hebt volbracht, dat je je familie blij maakt, want die supporten je. Maar als je verliest, is dat ook het kutste gevoel ooit. Ik heb in mijn professionele carrière één keer verloren. Tijdens die wedstrijd brak ik in het begin van de tweede ronde mijn oogkas. Ik vocht de rest van de wedstrijd met één oog, want het leek net of er de hele tijd een vinger in een van mijn ogen zat.

Doordat ik die partij verloor, leerde ik dat ik mijn rust vooraf beter moet pakken. Ik werd voor die partij onzeker, omdat mensen me vroegen of ik het wel ging redden tegen die gozer, omdat hij al tien keer achter elkaar had gewonnen. Maar dat twijfelen heeft helemaal geen zin. Daar moet je gewoon schijt aan hebben. Ik vond ook dat die gozer niet eerlijk vocht. Ik denk dat hij helemaal onder de vaseline zat. Aan het eind van de eerste ronde had ik hem via zijn rug in een choke. Hij kwam daaruit, maar was wel heel glad. Elke greep die ik deed, gleed er gewoon vanaf.

Die gebroken oogkas is meteen ook de zwaarste blessure die ik ooit heb gehad. In het ziekenhuis moesten ze een stukje bot uit mijn heup halen en in mijn oog stoppen, want mijn oog viel steeds naar beneden. Maar dat bot dat ze in mijn oog hadden gestopt, was een beetje te dik, dus alsnog zat ik maandenlang met een dicht oog. De doktoren zeiden dat dat misschien wel de rest van mijn leven zo zou blijven. Gelukkig is het bijgetrokken en kan ik nu weer normaal kijken. Anders keek ik nu elke dag zoals Michael Bisping.

Costello met een gebroken oogkas.

Voordat ik bij Bellator tekende, heb ik een paar keer in Nederland en België gevochten, toen ik opeens werd gevraagd voor een invalpartij in Engeland. Ik had maar een week voorbereiding, maar nam hem meteen aan. Binnen een minuut won ik die partij. Mijn tegenstander ging KO door ellebogen op de grond. Mijn volgende partij in Engeland won ik in de tweede ronde met een triangle choke. Zo begon ik daar een beetje naam te krijgen. Ik heb ook een Poolse titel gewonnen, die gordel ligt hier thuis op de bankleuning.

Omdat ik aardig wat wedstrijden won in Polen en Engeland, kon ik vorig jaar over een contract onderhandelen met UFC en Bellator. UFC wilde dat ik nog een partij ging winnen, terwijl Bellator me meteen aan wilde nemen. Ze betalen evenveel, dus ik ging naar Bellator. Ik wil het middengewicht in Bellator claimen, al moet Mousasi die eerst pakken voor een tijdje. Ik weet niet wat hij daarna gaat doen. Als hij gaat, is het mijn missie om die belt in Nederland te houden.

De Poolse kampioensriem van Costello.

Naast mijn contract bij Bellator geef ik bij MMA Vlaardingen les aan kinderen en beginners. Gelukkig heb ik een vader en peetvader die me heel veel sponsoren om dit doel te bereiken. Anders was het bijna onmogelijk. Ik kan mezelf steeds meer onderhouden, maar nog niet hoeveel ik wil. Ik heb een contract voor vier gevechten getekend bij Bellator. Deze vier moet ik allemaal winnen, dan kan ik meer geld vragen voor mijn volgende contract.

Mousasi is een stuk verder. Als we in de auto zitten, fokken we elkaar op, als matties onder elkaar. Dan maken we bijvoorbeeld grappen dat Mousasi erg gierig is voor een miljonair. Het is trouwens wel moeilijk om wat tegen Mousasi te zeggen, omdat hij heel scherp is. We hebben het ook vaak met elkaar over de mooie dingen die we na onze gevechten gaan doen. Ik ga op vakantie naar Spanje met mijn vriendin, naar Benidorm. We hebben daar allebei nog vrienden zitten, dus daarmee gaan we feestjes vieren. Lekker man.

Maar eerst hebben we nog dat gevecht. Een uur voordat het zover is, zal alles in me weer schreeuwen dat ik er weg moet wezen. Totdat die deur van de kooi achter me dichtvalt.”

Mis niets! Like VICE Sports Nederland voor je dagelijkse dosis ijzersterke sportverhalen.