Een derbydag met de harde kern van VV Katwijk

Er werden fakkels afgestoken, relletjes geschopt en vlaggen gejat.

|
mrt. 19 2018, 2:36pm

Op de gevel van een gebouw van VV Katwijk staat “HKR” gespoten als ik ‘s middags aan kom lopen bij de club. De Harde Kern Rijnsburg van Rijnsburgse Boys heeft het clubhuis en de tribunes van VV Katwijk de avond ervoor beklad. Dwars over de net oranje geverfde tribune van VV Katwijk loopt nu een zwarte streep. Dit soort supportersrivaliteit zie je in het Nederlands amateurvoetbal alleen in de Bollenstreek, waar grote amateurclubs als VV Noordwijk, Rijnvogels, Quick Boys en Katwijk op elkaars lip zitten.

Ik ben hier vandaag om samen met het sfeerteam van VV Katwijk de derby tegen Rijnsburgse Boys mee te maken. Het gaat dit seizoen lekker met VV Katwijk, ze staan bovenaan in de Tweede Divisie. De hardcore dreunt door de kantine heen als ik binnenkom. De stemming zit er al goed in, er staat zeker zestig man te zuipen. Aan een tafel achterin staan Corleen en Erwin, met wie ik heb afgesproken. Zij zijn twee van de kartrekkers van het sfeerteam van VV Katwijk, samen met Niels, die vandaag achter de bar staat.

Corleen en Erwin zijn allebei in de twintig en werken doordeweeks in de zorg met moeilijk opvoedbare kinderen. Het sfeerteam van VV Katwijk is hun grote hobby. “Ik ben zenuwachtig voor de wedstrijd van vandaag. Dat begint altijd een week van tevoren,” zegt Corleen. Om het belang van de wedstrijd te onderstrepen wijst Erwin naar een jongen met een pet op, die bij een tafeltje verderop staat. “Die jongen was de hele nacht aan het werk op zee en kwam om 13:00 uur aan in de haven in Scheveningen. Hij is meteen doorgereden, heeft niet geslapen en staat nu hier. Zo graag willen mensen hierbij zijn.”

Doordeweeks bikkelhard werken en zaterdags bikkelhard feesten bij VV Katwijk, dat is het ritme van de meeste gasten hier. Ik vraag Corleen wat het verhaal is achter de ‘HKR’ die op de gevel is gespoten. Hij legt uit dat een paar jonge jochies van de Harde Kern Rijnsburg vannacht de gebouwen van Katwijk hebben beklad. “Maar de ouderen van de HKR stonden hier vanochtend meteen met een groepje om te helpen het weg te boenen,” zegt Corleen. “Ze waren bang dat het anders uit de hand zou lopen vandaag,” voegt Erwin toe.

Die angst van de Rijnsburgse Boys is niet zo vreemd. De fanatieke supportersgroep van Katwijk bestaat uit een man of tachtig en meestal gaat alles gewoon goed, maar soms vliegen er een paar uit de bocht. Corleen en Erwin zijn daarom als schakels tussen de club en de supporters regelmatig bezig om brandjes te blussen. Bijvoorbeeld als er vuurwerk is afgestoken, of als er wordt gevochten tijdens wedstrijden, zoals anderhalf jaar geleden tegen Spakenburg.

Wim, een kale man van in de zestig, komt bij ons aan tafel staan. Hij is bestuurslid van de supportersvereniging van Katwijk en werkt veel samen met Corleen en Erwin. Wim gaat goed om met de jongeren van het sfeerteam, omdat hij weet hoe het is om in hun schoenen te staan. “Ik was vroeger ook heel fanatiek en niet altijd een lieverdje,” zegt hij. Het gerucht gaat dat Wim in zijn jongere jaren eens de keeper van een tegenstander in zijn mond heeft gespuugd. “Nu regel ik de loterij en ben ik rustiger,” zegt hij lachend.

Wim wil graag dat ik een keer terugkom als de derby tegen aartsrivaal Quick Boys op het programma staat. Dat lijkt me ook mooi, maar omdat Quick Boys nu een niveautje lager speelt, zit dat er voorlopig niet in. De derby tegen Rijnsburgse Boys is nu het enige wat er is en dat gaat er een stukje vriendelijker aan toe. “We hebben bij Katwijk en Rijnsburgse Boys allebei een ontiegelijke hekel aan de mollen, dus dat verbindt ons,” zegt Wim. Met ‘de mollen’ bedoelt hij Quick Boys. “Je ziet ze nooit ziet als het slecht gaat, maar als het goed gaat, duiken ze ineens overal op.”

Corleen heeft ook een enorme hekel aan Quick Boys, maar voor hem ligt dat soms moeilijk. Hij heeft, net als veel Katwijkers, Feyenoord als tweede club. Vorig seizoen keek hij de kampioenswedstrijd van Feyenoord met een groepje in Rotterdam, maar bij de goals van Feyenoord werd niet gejuicht. Dirk Kuyt was de doelpuntenmaker, en Kuyt komt van Quick Boys. “En ik ga niet juichen voor een Quick Boyser,” vertelt Corleen met een stalen gezicht. “Dan gaat Katwijk daar toch boven.”

Dan geeft Corleen aan dat het tijd is voor de corteo richting Rijnsburgse Boys. De kantine van Katwijk stroomt leeg en er komt een flinke stoet op gang. Jonge kinderen en vrouwen lopen ook gewoon mee, wat je niet vaak ziet bij corteo’s. Er wordt gezellig gepraat en af en toe wordt er een nitraat in een berm of sloot gegooid, dan knalt het even. Na een kwartiertje komen we langs de eerste voortuinen waar vlaggen van Rijnsburgse Boys trots in de vlaggenmasten wapperen. Iemand oppert die vlaggen naar beneden te halen, maar niemand gaat tot actie over. Als het complex van Rijnsburgse Boys in zicht komt, gaat de corteo los.

Fakkels en rookpotten worden ontstoken, vlaggen gaan de lucht in en er wordt luid gezongen. We komen in een enorme oranje walm het sportcomplex van Rijnsburgse Boys op lopen. Er ontstaat een sfeer waar de meeste eredivisieclubs niet aan kunnen tippen. Kinderen, vrouwen, ouderen, iedereen zingt en springt mee. Iedereen bij Rijnsburgse Boys weet dat Katwijk binnen is. Als de rook is opgetrokken, is er nog een uurtje te doden voor de wedstrijd begint, dus duikt iedereen de kantine in om bier en broodjes te halen.

Overal om me heen staan in de kantine supporters van Katwijk en Rijnsburgse Boys gezellig naast elkaar bier te drinken. Als iedereen voor de wedstrijd de vakken rond het veld opzoekt, moet de aanhang van Katwijk voor de harde kern van Rijnsburgse Boys langs lopen. Dat gaat allemaal verrassend gemoedelijk. Er lijkt onderling geen vuiltje aan de lucht.

Ik ga tussen de harde kern van Katwijk staan, die zich voor de eerste helft verzamelt aan de kant waar hun team moet scoren. Vlak voordat de wedstrijd begint ontsteken de Katwijkers nog een rits oranje rookpotten en fakkels. Vanuit het vak van Rijnsburgse Boys stijgt een enorme gele rookwolk op, wat samen met de oranje walm van Katwijk voor een fascinerend beeld zorgt. Ik word omringd door rook, gezang, fakkels en drukte. Als er plotseling een gele gedaante uit de oranje rook opdoemt om een bal bij de boarding te halen, heb ik pas door dat de wedstrijd al tijden is begonnen.

Binnen tien minuten hebben Katwijk en Rijnsburgse Boys allebei een keer gescoord. De wedstrijd is spannend, maar op het veld gebeurt verder niet heel veel in de eerste helft. In de rust moet ik dringen om de kantine weer in te komen. De stroom supporters komt tot stilstand bij de kantinedeuren. Daar zetten een paar het liedje “van voor, naar achter, van links naar rechts” in om wat chaos te creëren en naar binnen te beuken. De kantinedeuren overleven het niet. Tegen de tijd dat we binnen zijn en bier hebben, begint de tweede helft al.

Op de tribune knoop ik een praatje aan met twee omaatjes die tussen de fanatieke supporters van Katwijk naar de wedstrijd staan te kijken. Ze heten Trien en Engelien. De een is bijna zeventig, de ander richting de tachtig. “Vroeger kwam ik altijd bij Rijnvogels, maar toen ben ik verhuist. Nu kom ik al veertig jaar bij Katwijk,” zegt Engelien. Ik vraag haar of ze kleinkinderen heeft die op het veld staan. “Die hebben wel bij Katwijk in de jeugd gespeeld, maar niet de capaciteit voor het eerste gehad,” zegt ze. “Maar als je het niet erg vind, wil ik nu even verder kijken. Het is spannend.”

Trien en Engelien aan de rand van het veld.

Ik laat Trien en Engelien met rust en zie aan de andere kant van het veld opeens rellen uitbreken in het vak van Rijnsburgse Boys. Een groep van Katwijk stormt naar het vak toe en er ontstaat wat duw- en trekwerk, waarbij ook wat klappen vallen. Een paar spelers van beide teams rennen meteen naar de rand van het veld om de boel te sussen. De scheidsrechter legt het spel stil. Zoals wel vaker bij dit soort opstootjes is het net zo snel voorbij als dat het begon.

Tegen de tijd dat ik aan kom kakken bij het vak van Rijnsburgse Boys, is er van een opstootje niks meer te merken. Katwijkers die net herrie hebben geschopt lopen triomfantelijk naar hun eigen vak. “Heb je je weer laten gaan?”, vraagt een Katwijkse oma aan een man van rond de veertig die van het opstootje komt gelopen. De man, met een petje op en ringetjes in zijn oren, moet lachen. “Nee joh, ik was toevallig net bier halen,” zegt hij.

De wedstrijd ligt stil.

Iedereen die net heeft staan matten heeft zijn smoesje klaar. De een was pissen, de ander haalde een kroket – alleen komt er niemand terug met een kroket. Een supporter naast me lacht: “Ik ben hier überhaupt niet. Officieel ben ik gewoon op mijn werk.” Een van de Katwijkse jongens die zijn pijnlijke vuisten masseert, staat te grinniken achter de goal. “Dit was puur treiteren over en weer. Vanavond sta ik gewoon met die jongens van Rijnsburgse Boys te zuipen,” zegt hij.

Ik vraag een van de stewards wat er volgens hem precies is gebeurd. “Ach, die adrenaline komt gewoon naar boven. Daar doe je niks aan,” zegt hij ongedwongen. Ook de aanwezige politie lijkt zich niet druk te maken. Twee agentes staan achter de tribune rustig na te praten. “Hier hadden we wel op gerekend. Het is niet meer dan een akkefietje,” zeggen ze. Niemand is gewond geraakt, behalve een supporter van Katwijk, die dankzij een andere supporter van Katwijk per ongeluk een stalen buis op zijn hoofd kreeg.

Na een staking van tien minuutjes laat de scheidsrechter de wedstrijd doorspelen. Katwijk gaat vol op de aanval en mist een paar goede kansen. Uit de counters schiet Rijnsburgse Boys nog een paar keer rakelings naast. De omaatjes langs de lijn beginnen al te mopperen dat Katwijk zo nooit kampioen gaat worden, als spits Marciano Mengerink vlak voor tijd de bal voor zijn voeten krijgt. Hij prikt hem in de verre hoek en het vak van Katwijk gaat los.

Overal om me heen schreeuwen supporters het uit. Een paar springen al over de reclameborden heen, en springen de spelers in de armen. Kort daarna fluit de scheidsrechter af voor het einde van de wedstrijd. Katwijk wint op het nippertje met 1-2. Katwijkse kinderen, mannen en vrouwen bestormen het veld om de overwinning te vieren met de spelers. Ik spring ook over de boarding heen en een paar wildvreemde supporters van Katwijk vliegen me om mijn nek. Spelers krijgen vlaggen in hun handen gedrukt en zwaaien er fanatiek mee.

Het feestje op het veld is kort maar krachtig. Het is ijskoud buiten, dus tijd om terug naar Katwijk te gaan en de kantine op te zoeken. Op de terugweg zijn de vlaggenmasten die we op de heenweg al zagen de lul. Groepjes Katwijkers springen de tuinen in om de vlaggen van Rijnsburgse Boys naar beneden te halen. In een tuin planten ze zelfs een vlag van Katwijk terug. Een enkele oudere supporter probeert het jatten van de Rijnsburgse vlaggen te voorkomen, maar dat lukt niet. Het is uiteindelijk ook niet meer dan wat kattenkwaad.

De gestolen vlaggen van Rijnsburgse Boys worden als tafelkleedjes gebruik wanneer we terug zijn in de kantine van Katwijk. Iedereen zet het op een zuipen om de overwinning op de buren te vieren. Uit de speakers klinken Hollandse klassiekers. De vrouw van Wim draait de plaatjes en zingt fanatiek mee. Corleen springt bij achter de bar om bier te tappen. De spelers van Katwijk komen na het douchen ook een biertje doen en worden als helden onthaald.

Aan de bar zit een meisje op schoot bij haar vader. Hele families vieren feest. Hier, in de kantine van VV Katwijk, zie je nog gemeenschap zoals je die bijna nergens meer ziet in de randstad. En wat het helemaal mooi maakt, is dat niemand zichzelf te serieus lijkt te nemen. “Dat akkefietje op de tribune gaat nog wel een staartje krijgen,” zegt Corleen. “Maar dat zien we dan wel weer. Vanavond vieren we feest.”

Bekijk hieronder meer foto’s van de wedstrijddag:

Dit is een verhaal uit De Twaalfde Man , een serie van VICE Sports over fanatieke supportersgroepen in Nederland.

Mis niets! Like VICE Sports Nederland voor je dagelijkse dosis ijzersterke sportverhalen.